Onderneming

Uurwerken
In 1872 legde Bonaventura Eijsbouts uit Asten, de basis voor wat nu Koninklijke Eijsbouts is. Oorspronkelijk opgeleid tot horlogemaker, startte hij vanwege zijn grote belangstelling voor klokken en uurwerken, een “fabriek van torenuurwerken” in een kleine werkplaats achter zijn huis. Dankzij de hoge kwaliteit en nauwkeurigheid van zijn uurwerken volgden de opdrachten elkaar snel op, waardoor de werkplaats al snel te klein werd en in 1905 moest wijken voor een nieuw gebouw op de plaats waar het bedrijf tot op heden is gevestigd.

Klokken
Onder leiding van Bonaventura’s zoon Johan, die in 1893 op 15-jarige leeftijd in het bedrijf was gekomen en zich meer dan zijn vader als de koopman manifesteerde, werd het productenpakket van Eijsbouts uitgebreid met slag- en luidklokken met bijbehorende inrichtingen. Eijsbouts goot in die tijd nog niet zelf. De klokken werden gekocht bij gerenommeerde gieterijen in het buitenland. Vanaf dat moment leverde en installeerde Eijsbouts niet alleen torenuurwerken, maar ook klinkende torenklokken.

Beiaarden
Het is juist ook in die periode dat de belangstelling voor beiaarden of carillons toeneemt.
In Nederland noch in Vlaanderen bleken gieters in staat klankrijke en zuivere beiaardklokken te maken; derhalve betrok Johan Eijsbouts zijn beiaardklokken van de Engelse gieters Taylor en Gillett & Johnston. Aldus installeerde Eijsbouts vóór de tweede wereldoorlog talloze beiaarden in binnen- en buitenland.

Eigen klokkengieterij
In 1924 kwam Tuur Eijsbouts, de oudste zoon van Johan, in het bedrijf. Evenals zijn grootvader bleek Tuur een ware technicus en uitvinder, die de ingeslagen weg naar verdere vervolmaking van de beiaard tot volwaardig muziekinstrument als een grote uitdaging zag. Hij was het die de stap zette naar het zelf gieten van klokken. Het duurde echter tot 1947, na jaren van experimenteren, voordat definitief een eigen klokkengieterij werd ingericht. Daarmee was de basis gelegd voor een gestage verdere groei van de onderneming, want ook als klokkengieter nam Eijsbouts al heel snel een vooraanstaande positie in.

Buitenlandse markten
Tuur trad in 1962 terug en werd opgevolgd door zijn broer Max, die het bedrijf reeds enige jaren samen met hem had geleid. Onder diens bewind verwierf het bedrijf ook op buitenlandse markten grote bekendheid. Bij gelegenheid van het 100-jarig bestaan in 1972 werd aan Eijsbouts op grond van de kwaliteit en betrouwbaarheid van zijn producten het predikaat “Koninklijk” toegekend.

Nieuwe ontwikkelingen
Na het overlijden van Max in 1976 kwam de dagelijkse leiding voor het eerst in handen van een man buiten de familie, in de persoon van André Lehr. Hij is vanaf 1949 tot 1990 aan het bedrijf verbonden geweest en heeft het werk van Tuur verder uitgebouwd met name op wetenschappelijk en cultuurhistorisch vlak. Tevens heeft hij aan de basis gestaan van nieuwe ontwikkelingen bij Eijsbouts, zoals het bouwen van figurenspellen en astronomische uurwerken. Bovendien heeft hij de computer geïntroduceerd als hulpmiddel bij het ontwerpen van klokken.

Sinds 1990, na het vertrek van André Lehr, is de algehele leiding gedurende vijf jaar in handen geweest van Ger Minkman, die de brug heeft geslagen naar een tijdperk waarin een nieuwe Eijsbouts-generatie het roer van hem zou overnemen.

Sedert 1996 is de algehele leiding van het bedrijf in handen van Joost Eijsbouts, zoon van Max Sr. en daarmee kreeg een inmiddels meer dan 135 jaar oude traditie van het familiebedrijf weer een vervolg.

Reputatie en innovatie
De eerste complete beiaard, gemaakt in 1949 in de vorm van een reizende beiaard, was van dusdanig hoge kwaliteit, dat de naam Eijsbouts vrijwel onmiddellijk was gevestigd in de kleine kring van volwaardige beiaardgieters. Dankzij de reputatie die Eijsbouts inmiddels heeft verworven, zijn over de hele wereld vele in Asten gegoten prominente beiaarden geïnstalleerd waaronder de beiaard voor de Romboutstoren in Mechelen, de grootste beiaard van Europa in Berlijn, en de uitbreiding van het “National War Memorial Carillon” te Wellington, Nieuw Zeeland, waarvoor de grootste carillonklok ooit op Nederlandse bodem vervaardigd, werd gegoten.

Eén aspect heeft bij Eijsbouts altijd centraal gestaan, namelijk het voortdurend streven producten verder te perfectioneren, daarbij zoveel mogelijk rekening houdend met de specifieke wensen van de gebruiker. Ondanks het door de historie bepaalde ambachtelijke imago van het product, werd nooit geschroomd nieuwe technieken en moderne materialen te introduceren.

In 1980 kwam Eijsbouts als eerste ter wereld met een computergestuurd automatisch carillon en kort daarna met klokken die met behulp van de computer zijn ontworpen, zoals bijvoorbeeld de grote terts-klok. 

Nationaal Beiaardmuseum in Asten
Het is niet zo verwonderlijk dat Asten behoudens een klokkengieterij ook een klokken- of liever gezegd een beiaardmuseum rijk is. In het Nationaal Beiaardmuseum kan men kennis maken met de producten die voor Eijsbouts al zovele jaren vertrouwd zijn. Niet alleen treft men er historische klokken aan uit de directe omgeving, maar ook hoogst zeldzame exemplaren uit vreemde en verre culturen.

Het museum beschikt over een complete beiaard en een
unieke verzameling torenuurwerken. De techniek van het vormen en gieten van klokken wordt op een begrijpelijke wijze aanschouwelijk gemaakt.

 
Translate ยป